Belangrijkste conclusies
- Volgens analisten zouden door een langdurige oorlog in Iran de energieprijzen kunnen stijgen, net als de inflatie.
- De financiële markten verwachten dat de Federal Reserve meer aandacht zal gaan besteden aan het risico van inflatie dan de afgelopen weken.
- Hoe langer de oliecrisis voortduurt, des te ernstiger de economische gevolgen zullen zijn, denken analisten.
Hoewel de oorlog met Iran heeft geleid tot dalende aandelenkoersen en hogere olieprijzen, is de reactie in veel opzichten vrij gematigd gebleven. Dit omdat veel mensen op Wall Street verwachten dat het conflict van korte duur zal zijn en de energiemarkt en wereldeconomie minimaal zal verstoren. Maar wat als dat niet zo is?
Volgens analisten zullen de gevolgen van een langdurige oorlog, die die maanden of nog langer duurt, het sterkst voelbaar zijn op de energiemarkt. De olieprijs zou dan boven de 100 dollar kunnen uitkomen – meer dan 30% hoger dan afgelopen dinsdag. Dat zou kunnen doorwerken in andere economische sectoren wereldwijd, met een stijgende inflatie en minder economische groei.
“Als de verstoring relatief kort duurt, blijkt uit het verleden dat prijsstijgingen die voortkomen uit geopolitieke spanningen afnemen zodra de onzekerheid minder groot wordt”, zegt Rick de los Reyes, sectorportefeuillebeheerder bij T. Rowe Price. “Maar als de productie of export langdurig verstoord wordt, ontstaat er een echte aanbodschok en dat heeft gevolgen voor de inflatie, renteprognoses en economische groei wereldwijd.”
Gaat de oorlog kort of lang duren?
Toen er in 2025 een conflict uitbrak tussen Israël en Iran, duurden de vijandelijkheden ongeveer twaalf dagen. De olie- en gasprijzen stegen de dagen voor de aanvallen op Iran en opnieuw toen er gevechten uitbraken. Maar die stijging werd grotendeels tenietgedaan toen een staakt-het-vuren werd afgekondigd.
Ditmaal stegen de olieprijzen plotseling toen de markten afgelopen maandag opengingen en bleven ze stijgen. Een vat Brent-olie, de internationale benchmark voor ruwe olie, kostte dinsdag 84 dollar, een stijging van 15% ten opzichte van vorige week. Een vat WTI, de Noord-Amerikaanse benchmark, sloot dinsdag de handelsdag af met een prijs van 74,81 dollar. Dat is een stijging van ongeveer 11% vergeleken met de prijs vóór de oorlog uitbrak.
Ondanks de gestegen olieprijs, de afgelopen twee dagen, staat die nog steeds ruim onder het hoogtepunt van mei 2022, toen hij door de Russische invasie in Oekraïne boven de 114 dollar uitkwam.
De aandelenmarkten zijn gedaald, waarbij het verlies in Europa en Azië groter was dan in de Verenigde Staten. Amerikaanse aandelen hebben vrijwel alle verliezen van afgelopen maandag goedgemaakt en stonden dinsdag slechts 1% lager dan aan het eind van de handelsdag. Op de obligatiemarkt steeg de rente op tienjarige Amerikaanse staatsobligaties licht, van iets minder dan 4,00% op vrijdag einde dag tot 4,11% op dinsdag tijdens de handelsdag.
De meeste partijen op Wall Street denken dat deze situatie niet lang zal duren. “Dit gaat iets tijdelijks zijn en iets van beperkte omvang”, zegt Paul Christopher, hoofd Global Investment Strategy bij het Wells Fargo Investment Institute. Hij verwacht dat er binnen een paar weken een oplossing zal komen. “Het is een kwestie van volatiliteit, niet van aanbod.”
Hoewel de meeste waarnemers denken dat de gevolgen van de oorlog niet langer dan een paar weken zullen duren, is dat niet vanzelfsprekend. De Amerikaanse president Trump zinspeelde maandag in een bericht op sociale media op een langer durend conflict en sprak over de “vrijwel onbeperkte” munitievoorraden van de VS. Hij schreef dat “oorlogen ‘voor altijd’ en zeer succesvol kunnen worden gevoerd” met wapens van middelmatige of redelijke kwaliteit.
Welke gevolgen kan de oorlog hebben als die lang duurt?
‘Wat als’-scenario’s kijken naar de impact van een langdurige oorlog op de energieprijzen. Volgens Goldman Sachs verloopt een vijfde van de wereldwijde aanvoer van vloeibaar aardgas via de Straat van Hormuz, die aan Iran grenst. Het scheepvaartverkeer daar staat stil sinds de gevechten vorig weekend uitbraken.
“Als deze situatie nog weken of maanden duurt en 20 tot 30 procent van het wereldwijde olievervoer over zee stopt is onvermijdelijk dat daar een enorme reactie op zal volgen”, zegt Lucas White, hoofdportefeuillebeheerder voor de strategieën van GMO op het gebied van hulpbronnen, klimaatverandering en kwaliteitsspectrum. “Wij geven geen voorspellingen af van grondstofprijzen af, omdat die onvoorspelbaar zijn. Maar het zou me niet verbazen als de olieprijs boven de 100 dollar uitkomt als deze situatie nog een tijdje duurt.”
Een verstoorde energievoorziening “is nu onze grootste economische zorg en het grootste risico”, zegt Shannon Saccocia, managing director en chief investment officer - wealth bij Neuberger Berman. Dat komt omdat er een verband bestaat tussen stijgende olieprijzen, inflatie en economische groei.
Wat zou een schok in de olieprijs betekenen voor de inflatie en de Fed?
Volgens Saccocia is belangrijk dat beleggers de mogelijkheid van een olieprijsschok vergelijken met de situatie waarin de belangrijkste wereldeconomieën zich vóór de oorlog bevonden. Zij zegt dat Neuberger een constructief economisch klimaat verwachtte met stabiele tot lagere rentes. In de VS werd bijvoorbeeld verwacht dat de Federal Reserve de rente in 2026 twee of drie keer zou verlagen.
Dat is veranderd. “De financiële markten verwachten nu al dat de Fed zich dit jaar meer zorgen zal maken over inflatie dan een week of twee geleden, doordat de olieprijzen mogelijk hoger zullen liggen”, zegt Katie Klingensmith, hoofd beleggingsstrateeg bij Edelman Financial Engines.
Hoewel de energiekosten volatiel zijn en daarom vaak buiten beschouwing worden gelaten door beleidsmakers als zij het hebben over de verwachte inflatie, zouden aanhoudend stijgende energieprijzen de dynamiek van inflatie binnen de economie kunnen veranderen. “Blijvend hogere energieprijzen zullen ogenschijnlijk ook doorwerken in de prijzen van goederen en diensten”, merkt Saccocia op. “Er is een omslagpunt waarop de energieprijzen...een verwoestend effect hebben op de vraag en tot minder economische groei leiden.” Dat geldt in het bijzonder voor de gasprijzen in Europa, waar deze brandstof op grote schaal wordt gebruikt als verwarming. “De gevolgen zijn dus helemaal afhankelijk van de vraag hoe lang de olieprijsschok gaat duren”, zegt ze.
Volgens Raphael Olszyna-Marzys, internationaal econoom bij J. Safra Sarasin Sustainable Asset Management, zouden in het slechtst denkbare scenario de olieprijzen meer dan 100 dollar per vat blijven kosten en de Europese inflatie met meer dan 2 procentpunten kunnen laten stijgen en veel economieën in een recessie kunnen storten.
In de VS is de situatie net wat anders, hoewel ook de Amerikaanse economie gevoelig is voor schommelende olieprijzen wereldwijd. “Zelfs als de olieprijzen hier stijgen, zullen we niet in een recessie terechtkomen”, zegt Christopher van Wells Fargo. “We produceren voldoende eigen olie om de economie draaiende te houden en dat zal veel geld aantrekken.”
Maar zelfs als dat zo is, denken sommige analisten dat de dreiging van een opnieuw stijgende prijsdruk de afwegingen van de centrale bank zou kunnen beïnvloeden. “De kiemen van inflatie blijven aanwezig in de Amerikaanse economie”, schreef Don Rissmiller, hoofdeconoom bij Strategas, dinsdag in een notitie aan klanten. “Als mensen lange tijd bang blijven voor een stijgende inflatie zouden bepaalde beleidskeuzes (zoals het verhogen van de rente) de economie veel meer ontwrichten.”
Christian Mayes en Leslie Norton hebben bijgedragen aan dit artikel.


