Belangrijkste punten
- De Fed heeft de rentevoet zoals verwacht met een kwart procentpunt verlaagd, maar bij de stemming was niet iedereen voorstander hiervan.
- We verwachten volgend jaar twee renteverlagingen, één meer is dan de Fed.
- Eén reden waardoor de rente hoger zou kunnen uitvallen dan verwacht, is als de AI-hausse plotseling stopt.
- Het importtarievenbeleid zou kunnen leiden tot minder renteverlagingen, omdat een nieuwe renteverhoging de druk op de inflatie verder zou versterken.
- De Fed-voorzitter stelt dat de rentetarieven zich in neutraal gebied bevinden. Dit is een erg belangrijke maatstaf waar de Fed voortdurend aandacht aan besteedt, omdat het uiteindelijk de beste indicatie is waar de rente op de lange termijn waarschijnlijk zal uitkomen.
Ivanna Hampton: De spanning tussen de twee doelstellingen van de Federal Reserve neemt toe. De inflatie blijft hoog, terwijl de arbeidsmarkt signalen van zwakte vertoont. Dat bleek uit het laatste rentebesluit van de Fed. Die heeft 2025 afgesloten met drie renteverlagingen na elkaar, maar wijst erop dat er nog minder komen in 2026. Ik sprak hierover met Preston Caldwell, senior econoom VS bij Morningstar Investment Management.
Hoe moeten beleggers de verdeeldheid binnen de Fed over renteverlagingen interpreteren?
Hampton: De Fed heeft de rente zoals verwacht met een kwart procentpunt verlaagd. Maar bij de uiteindelijke stemming waren er ook stemmen tegen. Twee commissieleden waren er voorstander van om de rente hetzelfde te houden en één lid wilde een grotere verlaging. Wat zegt dat volgens u?
Caldwell: Oorspronkelijk werd verwacht dat het nagelbijten zou worden op deze vergadering. Als je kijkt wat de markt half november nog verwachtte: toen werd ingecalculeerd dat het waarschijnlijker was dat de rente níet zou worden verlaagd. Toen hebben een paar Fed-leden duidelijk gemaakt dat ze een nieuwe renteverlaging wilden. Dus toen de vergadering begon, was de kans op een renteverlaging uiteindelijk 90%. Tegelijkertijd gaven Powell en het comité met hun afwijkende mening en andere uitspraken aan dat ze nu een pauze willen. Twee leden hebben zich dus officieel uitgesproken tegen een renteverlaging deze maand, tijdens de laatste vergadering. En als twee leden zich expliciet tegen een renteverlaging uitspreken, zijn er waarschijnlijk nog meer mensen die dat ook vinden, maar dat nog niet officieel hebben uitgesproken of op zijn minst twijfels hebben over verdere renteverlagingen. Powell heeft gezegd dat het tijd is om af te wachten en nieuwe data te bestuderen voordat er meer renteverlagingen worden doorgevoerd. Ik bedoel, de Fed heeft sinds september 2024, toen deze cyclus van renteverlagingen begon, in totaal de rente met 1,75 procentpunt verlaagd. De rente staat dus nog steeds boven het niveau van vóór de coronapandemie. We zitten in de doelbandbreedte van 3,50 à 3,25 procent. Vóór de pandemie lag de rente gemiddeld tussen 2017 en 2019 op 1,7%. Maar we bevinden ons ook niet op het beperkte niveau dat tussen half 2023 tot najaar 2024 gold, toen de rente ruim boven de 5% lag. We bevinden ons nu dus in een comfortabeler gebied en ik denk dat de Fed het tempo aanzienlijk kan vertragen. Ik verwacht niet dat zij tijdens de vergadering in januari de rente zal verlagen.
Moet de Fed in 2026 de rente in grotere stappen verlagen?
Hampton: De Fed rekent voor volgend jaar op één renteverlaging. Hoe verhoudt dat zich tot uw eigen voorspelling en wat zou een aanleiding kunnen zijn om de rente vaker of juist minder vaak te verlagen?
Caldwell: Ik verwacht volgend jaar twee renteverlagingen. Dat is er één meer dan de Fed. Maar in totaal verwacht ik tot en met 2027 nog drie renteverlagingen dat jaar. Dat zou volgens onze prognoses neerkomen op vijf renteverlagingen in 2026 en 2027 versus de slechts twee die de Fed voor die tweejarige periode jaar verwacht. Wij voorzien dus 75 basispunten meer dan de Fed verwacht, wat een behoorlijk groot verschil is. En dat geldt ongeveer ook voor de markt. De markt denkt ongeveer in lijn met wat de Fed voorziet.
Ik denk dat de natuurlijke rente nog steeds dichter bij het niveau van vóór de pandemie ligt. Dat komt door structurele factoren, zoals demografische ontwikkelingen, vergrijzing en minder economische groei. Daarnaast hebben sinds het begin van de pandemie bijvoorbeeld bovenmatige spaargelden ertoe bijgedragen dat de rente hoger bleef. Maar die factoren spelen steeds minder een rol. Zo lijkt de huizenmarkt ondanks de renteverlagingen slechter te blijven draaien. Dat betekent volgens mij dat huizenkopers steeds ongeduldiger worden door de hoge rente en de hoge huizenprijzen. Dit suggereert dat meer renteverlagingen nodig zijn om te voorkomen dat de huizenmarkt nog verder inzakt. Hierover bestaat echter veel onzekerheid. Eerlijk gezegd ben ik daar minder stellig over geworden, omdat de beschikbare data op dit moment nogal oud zijn. We beschikken nog steeds niet over de bbp-data over het derde kwartaal. We beschikken wel over enkele data over de tweede helft van dit jaar, maar op dit moment hebben we nog geen volledig beeld. Ik verwacht dan ook dat ik mijn visie aanzienlijk zal bijstellen zodra ik de bbp-cijfers over het derde kwartaal en enkele andere data heb ontvangen.
Echter, over de factoren die ertoe zouden kunnen leiden dat de rente hoger uitvalt dan verwacht, in overeenstemming met onze visie, maar in tegenstelling tot die van de Fed/markt, denk ik dat als de AI-hausse stokt dat vraagt om meer renteverlagingen, omdat AI-bedrijven afgelopen jaar het leeuwendeel van de groei van het bbp voor hun rekening hebben genomen. Zowel door directe investeringen door bedrijven als indirect doordat de aandelenmarkt is blijven stijgen. Dat heeft de consumentenbestedingen opgedreven. Als er een ontwikkeling de andere kant op zou plaatsvinden, zou dat kunnen betekenen dat de Fed de monetaire verruiming aanzienlijk moet uitbreiden om de vraaguitval te compenseren. Maar waar het gaat over veel minder renteverlagingen of zelfs helemaal geen verlagingen of weer een stijging, denk ik dat dit vooral door het importtarievenbeleid wordt bepaald. Zelfs als de importtarieven op het huidige niveau blijven, bestaat de mogelijkheid dat die veel meer zullen worden doorberekend in de prijzen die de consument moet betalen. Op dit moment is het nog steeds zo dat Amerikaanse bedrijven het leeuwendeel van de importheffingen betalen. Maar als zij meer van die kosten willen doorberekenen aan de consument, zou dat de druk op de inflatie kunnen verhogen. En misschien zou dat ook invloed hebben op andere delen van de economie, aangezien inflatie van goederen leidt tot een hogere inflatie van diensten. En als de importtarieven daadwerkelijk gaan stijgen, wie weet waar ze dan uitkomen? Op dit moment lijken ze te dalen, maar als ze weer gaan stijgen, zou dat de druk op de inflatie verder vergroten. Er zijn dus zeker scenario’s denkbaar waarin de rente volgend jaar veel hoger of lager kan uitvallen dan we verwachten.
Hoe een neutrale rente bijdraagt aan een lagere inflatie en de arbeidsmarkt versterkt
Hampton: De Fed-voorzitter zegt dat de rente zich in neutraal gebied bevindt. Waarom doet dat ertoe en wat dit betekent voor het terugdringen van de inflatie en het versterken van de arbeidsmarkt?
Caldwell: Een neutrale rente zou, als die langere tijd hetzelfde blijft, op zo’n niveau moeten zitten dat die de economie voldoende stimuleert om voor volledige werkgelegenheid te zorgen, terwijl de inflatie rond de Fed-doelstelling van 2% blijft liggen. Dat zou een soort gulden middenweg zijn voor de economie. Dan is de economie niet oververhit en is er ook geen sprake van een recessie. Of er zo’n neutrale rente komt, is afhankelijk van veel factoren, zoals de groei van de productiviteit – de onderliggende productiviteitsgroei. Dat kan de bereidheid om meer te investeren stimuleren.
Groeit de bevolking snel? Is die jong, groeit zij langzamer en vergrijst zij? Dat laatste kan zorgen dat de investeringen afnemen en dat duwt de neutrale rente omlaag. Als de bevolking langzaam groeit, hoeven er minder huizen en infrastructuur enzo te worden gebouwd. Het is dus moeilijk om een oordeel te vellen over de neutrale rente, omdat je die moet inschatten. Je kunt die niet direct waarnemen. Het komt er op neer dat we, als we naar het verleden kijken, ons afvragen welke rente de economie in evenwicht zou hebben gehouden, voor volledige werkgelegenheid zou hebben gezorgd en voor een inflatie die overeenkomt met de doelstelling. De meningen lopen kortom uiteen op welk niveau een neutrale rente ligt.
Als je naar de FOMC kijkt, de commissie die het monetaire beleid bepaalt, vindt de mediane deelnemer dat een neutrale rente ongeveer 3% is. Op basis daarvan staan we nu heel dicht bij het neutrale niveau, met een streven van 3,5% à 3,25%. Dat ligt maar iets meer dan 50 basispunten boven dat neutrale niveau van 3%. Zoals ik al heb aangegeven, denk ik dat een neutrale rente veel lager ligt, waarschijnlijk dichter bij de gemiddelde rente van vóór de pandemie. De federal funds rate was in 2017 en 2019 gemiddeld 1,7%. De neutrale rente daalt al tientallen jaren. Rond 1980 was die in reële termen, niet in nominale termen, 4% of 5%. Die lag dus veel hoger en is de afgelopen vier decennia met ongeveer 400 basispunten gedaald, alleen al door vergrijzing, de vertraagde economische groei en misschien ook door de steeds grotere ongelijkheid, waardoor de hoeveelheid spaargeld is toegenomen. Dat is dus een zeer belangrijke maatstaf waar de Fed altijd op let, omdat die uiteindelijk de beste indicatie is van waar de rente op de lange termijn waarschijnlijk zal uitkomen. De Fed wil namelijk dat de rente overeenkomt met het neutrale niveau, zodat zij haar doelstellingen bereikt.
Hampton: Preston, hartelijk dank voor je tijd.
Caldwell: Hartelijk dank, Ivanna. Het was zoals een genoegen om met je te praten.
Bekijk Investors First: 2026 Market Outlook voor meer informatie van Kunal Kapoor en Preston Caldwell.

